maandag 5 oktober 2015

De Competitie, Noordwijk 5 oktober

Arris Waasdorp....wie kent hem niet?  Carrière gemaakt op de Noordwijkse tennisbanen....gespeeld en getraind met alle groten der toenmalige tenniswereld.....Waar is zijn standbeeld? Mooie opdracht voor sportpaleis Azuro  de big destroyer van het machtige mooie Casino of aan de bouwers van  het  grootse Duinendal aan Zee.....Arris in Brons.....tijd voor actie  om Noordwijk weer wereldwijd op de tennismap te zetten .

Arris Waasdorp aan het woord in :SPORT IN BEELD/DE REVUE DER SPORTEN
 
Onze Kampioen 1938 der tennis-oefenmeesters: Waasdorp:
"Na den Nederlandschen amateur-tenniskampioen Hans van Swol, die veertien dagen geleden in deze kolommen aan het woord was, thans de nationale kampioen der tennis-oefenmeesters Arris Waasdorp. Zoo is in chronologische volgorde de min of meer toevallige rangschikking van deze tennis-interviews in ons blad, maar zoo is ook in het algemeen de appreciatie der Nederlandsche tennisliefhebbers, die ons amateurtennis hooger aanslaan dan ons proftennis, al zijn er de resultaten der gelijkopgaande wedstrijden amateurs tegen oefenmeesters die anders leeren. Dezen zomer b.v. wonnen de profs Waasdorp, Hemmes en Goedraad den ploegwedstrijd tegen Hughan, van Swol, Teschmacher en de Brauw te Noordwijk.
„Eenigszins onbillijk is de publieke opinie altijd wel ten opzichte van ons", vertelt ons de blonde kampioen der oefenmeesters Waasdorp, „want als de oefenmeester wint, meent men altijd dat de amateur slecht op dreef was en in elk geval heel wat minder speelde dan bij een andere gelegenheid, toen hij een anderen amateur royaal klopte. Maar bij dat „had je hem toen maar eens moeten zien" vergeet het publiek te gauw dat de amateur dien vorigen keer een minderen tegenstander trof en dus zijn spel veel beter kon ontplooien. De ploegwedstrijden tusschen oefenmeesters en amateurs, die er in den loop der jaren gespeeld werden, zijn steeds om en om gegaan en ikzelf ben nog nooit in een wedstrijd door een amateur geklopt."
Het koperen jubileum nadert ....
„Hoe lang bent U eigenlijk al oefenmeester?"
Als antwoord gaat Waasdorp bladeren in zijn plakboek van tennisherinneringen en haalt daaruit een circulaire te voorschijn van The Anglo Dutch L.T.C. te Rotterdam, waarin de secretaris aan de clubleden meedeelt, dat vanaf 5 Juni I926 de Trainer Aras aan de club verbonden zal zijn.
„Over twee maanden, op St. Nicolaasdag, kan ik dus mijn koperen jubileum als oefenmeester gaan vieren", constateert hij, „want die Aras was ik. Mijn voornaam is Arris, een naam die buiten onze familie niet veel voorkomt, en in Rotterdam, waar de leden mij als ballenjongen in Noordwijk hadden leeren kennen, dachten ze dat het mijn achternaam was, omdat iedereen me zoo noemde, vandaar dat er een tweede circulaire geschreven werd over „den oefenmeester Waasdorp, in de tenniswereld beter bekend als Arris". Ik was
„In zekeren zin is de opklimming van ballenjongen tot oefenmeester een handicap in prestige tegenover sommige amateurs, maar men vergeet, dat ook de beste buitenlandsche oefenmeesters als Nüsslein, Najuch, Ramillon en Cochet als ballenjongens begonnen zijn", zegt Arris Waasdorp toen net achttien jaar en had het tennisberoep gekozen na van mijn twaalfde jaar af 's zomers in Noordwijk ballenjongen te zijn geweest bij den Duitschen trainer Fiedler. Van hem heb ik de zaak afgekeken en er was ook werkelijk heel wat van hem te leeren, want Fiedler speelde zoo sterk, dat ik hem eenmaal Timmer, van Lennep en Diemer Kool achter elkaar op denzelfden dag heb zien slaan.
 

Noordwijk-tennis: de Ballenjongens

Noordwijk was groot in de late jaren twintig van de vorige eeuw. Hoogste tijd om de badplaats weer voort te stuwen in de vaart der volkeren naar de 'glamour' en de 'glitter' van de 'roaring twenty's'. Aan de spelers in het spel zal het niet liggen, hoofrollen voor W.F. Coen Jr, Wm.T. Tilden 2nd, Francis T. Hunter. Hun signatuur krijgt u erbij! Voor u gevonden bij de KB Tijdschriften.

 "Adverteren in "de Corinthian" geeft succes" 

Doen we dan maar direct! Neem nu eens het Casino en haar tenniscompetities, alle wereldgrootheden deden mee. Big Bill Tilden zagen wij al eerder hier voor het voetlicht. Prachtige opname van Bill met de ballenjongens. Ongetwijfeld bekende Noordwijkers...Uw vader of grootvader, u weet het niet? Zou die linker ballenjongen niet de bekende Noordwijkse semi-pro Arris Waasdorp kunnen zijn, of is het nu juist die knaap aan de rechterkant? Mejuffrouw Wills kwam ook aan bod.  Big Kea was ook een aan het tennisfirmanent schitterende ster. Doen we nog een partijtje? Zie u op baan V. bij "Lange Willem"!

vervolg interview:

 Ik heb het vak geleerd als ballenjongen zooals ook Hemmes en de gebr. Goedraad, die al jarenlang met mij het quartet der vier sterkste Nederlandsche oefenmeesters vormen, waarbij zich nu de jonge de Mos gevoegd heeft. In zekeren zin is die trapsgewijze opklimming van ballenjongen tot oefenmeester een handicap voor ons in prestige tegenover sommige amateurs, maar daarbij vergeet men volkomen, dat ook de beste buitenlandsche oefenmeesters zooals Nüsslein, Najuch, Ramillon en Cochet (vóór zijn amateurtijd) ballenjongen waren even goed als Froitzheim en de Joegoeslaven Puncec en Kukeljevic, die nu als amateur te boek staan. Dat weten de meeste menschen niet!"
Negen maal Ned. kampioen.
„Wie van Uw collega's zijn niet als ballenjongen begonnen?"
„Wijbrands, Dingemans en Schotborg waren amateur. Het is echter een heel verkeerd denkbeeld om te meenen dat men minder van het spel begrijpt wanneer men als ballenjongen begonnen is, want juist een ballenjongen, die wat bereiken wil, kijkt de kunst van den oefenmeester af en leert allerlei speltypen onderscheiden. U moet er zelf maar eens op letten wanneer U dezen winter weer op de R.A.I.of Apollobanen speelt, hoe vaak de ballenjongens in een onderling partijtje den stijl probeeren na te bootsen van een speler, die bijzonder hun aandacht heeft. „Ik ben die of die" zeggen ze dan en ze imiteeren den stijl van dengene, dien ze tot voorbeeld gekozen hebben. Onze Bond van Tennis Oefenmeesters in Nederland, de B.T.O.N., laat alleen goede krachten toe tot het lidmaatschap; ongediplomeerde oefenmeesters, die soms voor een gulden per uur les geven — de B.T.O.N. heeft vaste prijzen voor zijn leden vastgesteld —, kunnen een leerling volkomen verknoeien" „Hoe denkt U over vrouwelijke oefenmeesters zooals mevr. Ten Kate in Amsterdam ?"
„Die kunnen nuttig werk doen voor de jeugd, maar voor spelers uit b.v. de tweede klasse-competitie, zijn ze niet in staat om een rallye gaande te houden. Dat is heusch geen wonder, want een enkelspel tusschen een heer en een dame is ie.ts heel ongelijkwaardigs, al lijkt het op het eerste gezicht vaak anders. Ik heb dat zelf kunnen merken toen Helen Wills in haar besten tijd op Noordwijk speelde; ik fungeerde dan als sparringpartner en won regelmatig van haar met 6—3, 6—2 tusschen mijn lessen door. Het gemis om een rallye aan den gang te houden tegen spelers van de internationale klasse vind ik een groot tekort bij den Duitschen oefenmeester Henning, wiens forehand en backhand te zwak zijn."
Aan Waasdorp kan men datzelfde verwijt zeer zeker niet doen, want dit massieve „tennismuurtje" bracht het vorige maand tot een rallye van 106 slagen in de vijfde set van zijn finale tegen Jan Goedraad, toen beide spelers reeds bijna drie uur tegenover elkaar gestaan hadden en dus wel eenigszins vermoeid hadden kunnen zijn in deze tennis-Marathon. Arris Waasdorp won toen met 8—6 in de vijfde set na op 5—6 een matchpoint overleefd te hebben, eenigermate als compensatie voor zijn nederlaag in de finale tegen Hemmes eenige jaren geleden, toen hij twee matchpoints te niet zag gaan. Met dat al heeft Waasdorp negenmaal het enkelspel-kampioenschap gewonnen, dat sinds de oprichting van den B.T.O.N. in I929 tweemaal per jaar (op open banen en overdekt) verspeeld wordt. Jan Goedraad won vijfmaal, Hemmes driemaal, Thijs Goedraad — met wien Waasdorp dezen zomer ook het kampioenschap dubbelspel won — eenmaal, terwijl in I935 de strijd onbeslist bleef. Op internationaal gebied heeft Waasdorp zich door overwinningen op Najuch, Plaa, Burke, Ramillon, e.a. en eervolle nederlagen tegen Tilden en Cochet, voldoende onderscheiden; wellicht krijgt hij een nieuwe kans daartoe als aan het eind van dit winterseizoen de B.T.O.N. ter gelegenheid van zijn tienjarig bestaan een belangrijken wedstrijd tegen buitenlandsche profs organiseert.
Over tennis en snoekvisschen. Persoonlijk hebben we het altijd buitengewoon in de B.T.O.N. leden gewaardeerd
dat ze, tusschen hun vele lessen aan zwakke leerlingen door, toch regelmatig tegen elkaar oefenen en zich voor hun int. wedstrijden (om de Coupe Bonnardel b.v.) veel serieuser voorbereiden dan een groot deel der amateurs.'

Arris Waasdorp en het Casino
U en ik hopen maar dat het goed gaat komen, maar vandaag zijn alle foto's uit blog "Noordwijkse Huizen" verdwenen, ook de nieuwe komen niet te voorschijn, maar anders zou u hier in de  De Zeekant/De Noordwijker van dinsdag 10 februari 1987, 44E jaargang No. 2584 kunnen lezen, "Het verhaal van Arris Waasdorp" uit het stof gehaald door Rikus Schelling en opnieuw uit het stof gehaald door uw blogger uit het schuurtje van mijn broer, liefdevol bewaarde krantenknipsels uit het Noordwijk van zijn jeugd! Dank aan allen, maar nu op Google wachten! Wat is er mis?
O, inmiddels is het allemaal al goed gekomen. Leest u zelf maar de succes-story van de Noordwijkse Tennis Kampioen Arris Waasdorp! Waarom dan die tranen met tuiten? Gewoon boekenstof-allergie, gaat vanzelf weer over...en service van de zaak: U krijgt ook nog de op de krantenvouw weggevallen zinnen:
/jaar heeft hij die redelijk-betaald/tennis, tot hij in 1951 een 25-jarig/die het gebracht heeft van ballenjon-/Schelling meende, blijkt het aandeel/

 vervolg interview:"

„Tennis is mijn beroep", zegt Waasdorp zelf, „van lesgeven moet ik bestaan, maar als er een wedstrijd op komst is, bereid ik me zorgvuldig voor. Menig amateur vergeet, dat een kwartiertje op zijn zwakste slagen oefenen veel nuttiger is dan een partijtje spelen, al is het niet zoo prettig; ik weet heel goed, dat mijn volley en smash zwakke punten zijn en ik probeer die te verbeteren. Dat gaat wel en doordat ik in de laatste jaren ook 's winters speel en niet meer een halfjaar rust neem, wat mij te zwaar maakte, weet ik van mezelf dat ik thans op dertigjarigen leeftijd beter speel dan vroeger. Voor een
speler, die zijn spel vooruit wil brengen, is het oefenen op overdekte banen veel beter dan het les nemen in voorjaar of zomer, omdat er 's winters geen wedstrijden zijn die men wil of moet winnen; de angst om te verliezen is funest bij spelers die hun stijl, op aanraden van hun oefenmeester, wijzigen en in deze overgangsperiode even wat minder bereiken vóór ze door dezen „rommeltijd" heen zijn. Een international moet in November al gaan oefenen; als de N.L.T.B. dat bekostigen wil, zal het inderdaad geld kosten vóór het spelpeil omhoog gaat en er Davis Cup-overwinningen met goede recettes komen, maar.... als je wilt snoeken, moet je ook eerst snoekvischjes koopen!"
We wenschen aan de Ned. tenniswereld een succesvollen vischtijd toe!

 

SPORT IN BEELD/DE REVUE DER SPORTEN (1938)


Hier Van Swol aan het woord:".......eigen land missen we juist sterke tegenstanders, wier spel ons omhoog brengt. Ook is in Leembruggen's trainingsschema een sterke buitenlandschen trainer opgenomen, liefst Najuch, van wien Hughan en ik eenige jaren geleden enorm veel geleerd hebben. Najuch heeft ons toen over het doode punt heen gebracht, thans hebben we weer het gevoel op een dood punt te zijn aangekomen, wellicht kan Najuch ons daar opnieuw overheen helpen. De Nederlandsche oefenmeesters, speciaal Waasdorp, apprecieeren we buitengewoon als sparringpartners; ze missen echter de ervaring van een Najuch om de fouten uit ons spel te halen. Het schema is thans in onderzoek bij het N.L.T.B.-bestuur, dat den financieelen kant ervan wel extranauwgezet zal bestudeeren.